8. MASSAGRAF VAN 10.000 JAAR OUD

“De vroege mens had blijkbaar weinig nodig om een oorlog te beginnen”, merkt Joep Engels op in zijn artikel (Trouw 21 jan.) over de vondst, door Britse archeologen, van een prehistorisch massagraf in Kenia gedateerd rond 10.000 jaar oud; en er is een dergelijk massagraf in Noord-Soedan gevonden dat 4000 jaar ouder is.

Landbouw begon in die tijd in de Levant (de ‘vruchtbare halve maan’), zo wil het verhaal, en met enige goede wil mag die sikkelpunt worden doorgetrokken over de Nijldelta. Maar het waren geen boeren die daar elkaar afslachtten. Het moeten Jager/verzamelaars geweest zijn, veronderstellen de Britten.
Waaruit ze concludeerden dat oorlogvoering niet een bijproduct is van de Neolithische beschaving maar dat het “in onze aard” zit. Net als bij de chimpansees die ook rivaliserende groepen overvallen en uitmoorden.

Die conclusie is echter aanvechtbaar.
Om te beginnen is het niet de landbouw die toen begon, maar de Tuinbouw (horticulture), de overgangsvorm tussen het nomadische voedselscharrelen en de landbouw. Alle ‘wilde stammen’ van vandaag zijn half-sedentaire Tuinbouwer dan wel nomadische veehouders. Ze voorzien voor een belangrijk deel in hun voedsel door het telen van plantaardig basisvoedsel in ‘tuinen’ (omgehakte en platgebrande stukken bos), of van de melkproducten van hun vee.

De Tuinbouwers nu hebben niet vrijwillig hun onbekommerde voorouderlijke jager/verzamelaarsbestaan ingeruild. Ze zijn hiertoe genoopt door populatiedruk (overpopulatie): teveel leefgroepen in hun regio, waardoor ze niet langer vrij konden rondscharrelen zonder te stuiten op andere leefgroepen. Voor hen werd het vechten voor de overleving; groepen met de meeste gewelddadige mannen overleefden.
Na enige generaties stabiliseerde deze toestand zich in gewapende vrede tussen groepen met elk een eigen territorium. De vrouwen daar waren gedwongen om steeds zorgvuldiger om te gaan met de voedselplanten van hun territorium. Ziedaar het begin van de Tuinbouw.
Maar overvallen plegen op elkaar behoorde voortaan tot het repertoire, ze waren de ‘wilde stammen’ geworden zoals er vandaag nog vele zijn. Bekende voorbeelden van Tuinbouwers zijn de Yanomamö-indianen in het Amazonegebied en de Bergpapoea’s in Nieuw-Guinea. De Samburu van Noord-Kenia bijvoorbeeld zijn veehouders.

Voor pure jager/verzamelaars (bijvoorbeeld de Hadza)  is – althans wás dat tot de jaren 60 – de wereld nog eindeloos groot.  Ze scharrelen en jagen hun voedsel zonder last te hebben van vreemde groepen. Net zo min als hun voorouders die kenden, vanaf de vroegste tijden. De leefgroepen van de Vroege Mensen, zoals de Neanderthalers, waren klein: net groot genoeg om samen aan het benodigde voedsel te komen en niet zo groot dat het moeilijk werd om alle monden te vullen.  Ze kenden wel verwante groepen, maar daarmee leefden ze niet in onmin. Op gestelde tijden en plekken ontmoetten ze elkaar, bleven enige tijd samen en gingen dan weer huns weegs; maar beide groepen enigszins gewijzigd van samenstelling: nieuwe partners bleven bij elkaar, ruziemakers probeerden een nieuw bestaan in een andere groep.
Geen enkele groep kon overleven zonder in slechte tijden te kunnen terugvallen op verwante groepen. Voor Vroege Mensen was oorlog een ondenkbaar fenomeen. En als we bedenken dat ons voorgeslacht zo’n 4 miljoen jaar een hachelijk maar juist daardoor ook vreedzaam scharrelbestaan geleid heeft, is het een onontkoombaar feit dat in die lange tijd onze natuur gevormd is. Nog steeds voelen wij ten diepste dat het harmonisch met elkaar samenleven het meest leefbaar is.

Maar sinds we beschaafd geworden zijn, al zo’n 5000 jaar zeker, is dit ‘paradijs’ voor ons een utopie geworden. En vanuit die verwrongen denkwereld (sorry) kijken de Britse archeologen naar hun massagraven, en Joep Engels met hen. Een aanvechtbare kijk, nogmaals.

De mensen van 14.000-10.000 jaar geleden van de massagraven waren geen Vroege Mensen meer, maar Anatomisch Moderne Mensen (AMM’s). De soort waartoe u en ik nog steeds behoren.
Zo’n 150.000 jaar geleden afgetakt van de Vroege Mensen in Afrika. 100.000 jaar geleden begonnen de AMM’s geavanceerdere jachtwerktuigen te maken van hoorn en been, waarmee ze geweerhaakte vissperen konden maken en een rijke nieuwe voedselbron konden aanboren: de waterwereld. Ze werden kustbewoners, en leefden van (vooral) schelpdieren, zeewier, vis en oeverdieren zoals robben.
Een rijkere voedselbron dan waar de Vroege Mensen altijd van geleefd hadden. Ze konden veel grotere groepen voeden, en die groepen splitsten zich ook sneller. De AMM’s overtalligden weldra de Vroege mensen en dreven die tot uitsterving. Ze werden zo talrijk dat er ook groepen buiten Afrika migreerden, naar het Midden-Oosten en verder.

Maar 74,000 jaar geleden explodeerde een megavulkaan, in Sumatra, de Toba. Die zeldzaam grote eruptie had een zes jaar durende ‘winter’ tot gevolg, en een massale uitsterving van planten, van dieren die van planten leven en van dieren die van planteneters leven. Dus ook van mensen.
U zou dit niet lezen wanneer er niet toch een klein deel ervan het heeft weten te overleven. Neanderthalers hebben het overleefd, AMM’s in het Verre Oosten hebben het overleefd (waren de eersten die Australië hebben gekoloniseerd), en ook onze AMM-voorouders, aan de zuidkust van Afrika, zoals die in de Blombosgrot.

Na die zes hachelijke jaren bloeide de plantenwereld weer op, de overlevenden van de plantenetende dieren en die van hun predatoren, zoals ook de AMM’s. De laatsten zelfs bijzonder snel. 65.000 jaar geleden hadden die zich weer in dermate aantallen hersteld dat er weer een nieuwe groep zich buiten Afrika uitbreidde, naar het Midden-Oosten en het Verre Oosten, maar ditmaal ook naar Europa. Alwaar we hen als de grottenschilders van Chauvet en Lascaux ontmoeten.
Ook de eerste Tuinbouwers in het Midden-Oosten  en de Nijldelta behoren tot hun nakomelingen. Vergeleken bij de Vroege Mensen kenmerken de AMM’s zich door hun grote groepen en de grote aantallen van hun groepen, hun geavanceerde bewapening (speerwerpers en honden) en hun verminderde gevoel voor harmonie (iets kleinere hersenen, zo u wilt). Door hun overpopulatie, dus hun oorlogvoering. Waarvan de Britten nu de massagraven hebben opgedolven. Laten ze ook speuren naar aanwijzingen voor Tuinbouw-experimenten.

2 thoughts on “8. MASSAGRAF VAN 10.000 JAAR OUD

  1. Henk van Setten

    Juist! Meestal vind ik je de stukjes wat aan de lange kant, maar in dit geval had er juist nog wel een klein alinea’tje bij gekund: over hoe de gedragsverschillen tussen de “vriendelijke” bonobo’s en de “agressieve” chimpansees op zichzelf al illustreren dat de al-dan-niet oorlogszuchtige aard van het beestje mede een gevolg is van de mate van omgevingsdruk. En dat het dus eigenlijk een beetje vreemd is dat wanneer auteurs aankomen met vergelijkingen van (vroege) mensen vs. apen, ze vooral aan chimpansees en veel minder aan bonobos lijken te denken.

    Reply

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*