Democratie in last (2)

Mijn eerste post “Democratie in last” dateert van 3 december 2016. Inmiddels hebben de overwinning van Trump en de Brexit menig Nederlandse en Franse kiezer tot bezinning gebracht over wat je krijgt als je populisten steunt, en zowel Wilders als Le Pen zijn van triomfen afgehouden. Maar de onvrede bij ook onze 60 % kiezers over hun inbreng in de regering is daardoor geenszins verminderd.

 Intussen heb ik meer gelezen. Zo ben ik het boekje van David van Reybrouck (DvR) met de misleidende titel Tegen Verkiezingen (© 2013, 17de druk) eindelijk toch gaan lezen. Blijkt een aanrader en kost maar een tientje. Het is, net als mijn voorstel, een pleidooi om onze parlementsverkiezingen zo in te richten dat de ‘stem des volks’ meer tot zijn recht komt.
DvR pleit ervoor, loting als belangrijk democratisch element deel van de verkiezingen te laten zijn. Voor de Belg DvR is dat minder vreemd aangezien de samenstelling van de volksjury van het Hof van Assisen (in 1791 in de Franse Tijd ingesteld, in 1816 door Nederland afgeschaft maar in België, na de onafhankelijkheid in 1831, opnieuw ingesteld) nog steeds bij loting geschiedt. Maar voor mij was het een eye opener.  DvR wijst erop dat in de vroegere Griekse stadsstaten alleen loting als democratisch gold: verkiezingen leidden tot aristocratie. Ook in de Italiaanse renaissance-stadstaten was loting daarom nog steeds een belangrijk element naast verkiezingen.
Het waren de leiders van Amerikaanse en Franse revoluties die de ‘stem des volks’ schuwden en hun aristocratische dan wel meritocratische census-kiesrecht prefereerden, dat sindsdien alle ‘democratische’ landen tot voorbeeld gestrekt heeft.
Het succes van de Russische revolutie in 1917 heeft de westerse elites er toe bracht om in 1919 algemeen kiesrecht aan te durven. Maar de ‘stem des volks’, verwoord door partijprogramma’s op wie men slechts eens in de vier jaar mocht stemmen door een rondje rood te kleuren,  klonk nog steeds slechts vervormd door. De regenten behielden hun zeggenschap.

Loting dus, is DvD’s pleidooi. Maar … zelf concludeert hij: ” Het gebruik van het lot is geen wondermiddel, geen perfect recept, net zo min als verkiezingen dat ooit waren, maar het kan wel een aantal euvels van het huidige systeem verhelpen.”

Het artikel ”De broederschaps-revolutie. Of wie is wij?” van Bas Mesters (1965, journalist, Italiëkenner) in De Groene 23.11.2017 was opnieuw eye opener. Voor zijn essay onderzocht hij wat Amsterdamse, Parijse, Londense en Berlijnse Europeanen nog bindt, en wat er overgebleven is van de kernwaarden van de Franse revolutie: vrijheid, gelijkheid en broederschap.
Via het Franse magazine Society kwam hij in contact met ex-marketingprofessional Jean Jacques Sebille die zich sterk verdiept had in het boek La societé des égaux van democratiefilosoof Rosanvallon, en die na zijn ontslag contact had opgenomen met de Malinees-Franse activist Hadama Traoré, in een der Parijse banlieu-wijken. Samen hebben die sindsdien een Facebook-beweging ontwikkeld, La Revolution est en Marche, om echt de ‘stem des volks’ te laten klinken. Met opzienbarend succes.
Via hen kwam Mesters ook in contact met filosoof Niango, zoon van een migrant uit Ivoorkust en schrijver van het boek La démocratie sans maitres dat eveneens pleit voor burgermacht van onderop in plaats van macht van partijparlementariërs. Niet dat Niango dit slechte mensen vindt, maar parlementariërs praten slechts over technieken en budget; het gaat hen om het systeem Frankrijk, niet om de Franse mensen. Om die laatsten mee te laten doen  is rond Niango de beweging A Nous la Démocratie ontstaan.
Twee arrondissementen verderop in Parijs ontstond gelijktijdig de beweging La Rélève Citoyenne van de ex-zakenman Hervo en omdat beide bewegingen hetzelfde beogen werken ze nu samen.

Macron haakte succesvol aan bij deze nieuwe wind, doopte zijn partij om tot ‘beweging’ en profiteerde van hun aanhang. Maar daar laten deze bewegingen zich niet door van de wijs brengen. Een nieuwe wind. Zuidenwind, vanuit België en Frankrijk, die hopelijk de ijzige oostenwind (Polen, Hongarije) kan verdrijven en een democratische lente kan laten ontluiken.

Toch blijf ik vinden dat mijn idee voor een vierjaarlijks ‘feest voor de democratie’ daar evenzeer effectief aan kan bijdragen. Ik schets het opnieuw, maar nu hernoem ik het als de viering van ons mens-zijn. Het vieren dat je blij bent dat je er bent.
Je bent er niet doordat je jezelf op de wereld hebt gezet maar je bent er dankzij een heleboel andere mensen, daar hoeven we niet ingewikkeld voor te denken. Dat wij het hier vergeleken met heel veel mensen in andere delen van de wereld dankzij onze democratie goed hebben, dat bewijst de tsunami  van migranten die het vrije, welvarende en veilige Europa trachten te bereiken. Bewijst dat onze democratie het vieren waard is.

Toch is 60% van de westerse kiezers er niet tevreden mee. Een onvrede die een Brexit en een Trump heeft opgeleverd en die een bron blijft waar populisten zich aan laven.
Het algemeen kiesrecht vanaf 1919 heeft in Duitsland het aan de macht komen van populist Hitler niet kunnen voorkomen. Na het dieptepunt van WOII krabbelde Europa weer op. De doorbraak van de vrije markt-economie in de jaren 60 en de inherente stijgende welvaart deed de onvrede tijdelijk verstommen: de 60% kreeg het met de verzorgingsstaat zienderogen beter.

Totdat eind jaren 70 de ‘kwaaie hond’ van het financierskapitaal door het neoliberalisme werd losgelaten en zich vastbeet aan het been van de vrije markt. Plus dat veel ondernemers een toestroom van goedkope arbeidskrachten uit arme landen hadden binnengehaald om hun loonkosten mee te drukken. De crises en hun met gemeenschapsgeld betaalde bankenreddingen verslechterden de verzorgingsstaat en met iedere bezuiniging nam de onvrede toe.
De globaliserende vrije markt-economie waar de ‘derde wereld’ zeer van profiteerde (die aanduiding van de arme landen hoor je niet eens meer) maar die ten koste ging van goed betaalde banen hier, alsmede de toenemende robotisering van de productie, deed de kloof tussen 60% onvrede en de 39% ‘Gutmenschen’ luidkeels gapen. Want de gastarbeiders en andere immigranten met een vreemde cultuur en hun eigen onvrede (kutmarokkanen) vestigden zich in de volkswijken van de 60%-mensen. Pim Fortuyn en vervolgens Wilders maakten zich tot de vertolkers van de onvrede, en hun stemmenmachine begon te draaien als een tierelier.

Die onvrede richt zich opmerkelijk genoeg niet tegen de 1% veroorzakers van crises, de bobo’s van het financierskapitaal. Die kunnen gewoon hun poet in veiligheid blijven brengen in belastingparadijzen en zich aan de gevolgen van verarming blijven onttrekken in ressorts en op miljoenenjachten, dankzij de huidige inrichting van onze verkiezingen.
De onvrede van de 60% richt zich tegen de hogeropgeleiden in hun betere buurten en met hun veiligere banen, die de verarming niet echt aan den lijve ondergaan. Zij kunnen de ‘Gutmensch’ blijven uithangen en bijvoorbeeld op GroenLinks blijven stemmen, zoals ik dat zelf iedere keer via mijn stemwijzer blijk te doen.  Want mijn naaste omgeving is van ‘mijn soort mensen’ en zelfs mijn werkster (schijn ik niet eens meer als zodanig aan te mogen duiden maar het tekent mij eens te meer) is hoger gekwalificeerd en ‘doet mij’ omdat ze me mag.

Mijn recente literatuur opent de Groen-Linkser in mij de ogen voor wat democratie echt hoort te zijn: het laten horen van de ‘stem des volks’.
Dus hier dan opnieuw in het kort en uit het hoofd mijn idee voor verkiezingen-2.0.

Het feest voor de democratie, oftewel de viering van ons mens-zijn. Ik blijf de nadruk leggen op het FEEST-karakter van Verkiezingen 2.0. Het is de viering van het meest wezenlijke van ons mens-zijn: dat wij het met elkaar over dingen kunnen hebben (andere dieren kunnen dat niet). Verkiezingen 2.0 gaat om de ‘stem des volks; om het ‘doorgronden van hart en nieren’ , om te weten te komen wat ieder individu ten diepste wil dat er met haar/zijn stem gebeurt inzake de belangrijkste beleids-items van zijn/haar volgende regering.

Ons gezamenlijke geregeerd-worden blijft een moeizaam karwei.
– Al vanaf de vroegste tijden van ons mens-zijn konden we het weliswaar met elkaar over dingen hebben, maar gezamenlijke besluitvorming was toen al een moeizaam palaveren rond een nachtelijk kampvuur.
– Democratie blijft moeizaam gedoe maar het alternatief is dictatuur, dus onvrede.
– Maar regeren is niet ieders werk, dus dat laten we dolgraag over aan bekwame specialisten (politici).
– Maar die moeten hun taken dan wel zodanig vervullen dat we er als KIEZERS vrede mee kunnen hebben.
– Maar daarvoor moeten de politici wel kunnen weten wat wij, KIEZERS, willen.

Een logische redenering van vijf keer ‘maar’. Met als uitkomst: denkwerk.
Nou, kom op, voor dat denkwerk kunnen we in die zomerse feestweek dat we ons mens-zijn vieren, best wel een uurtje vrijmaken.
Eens in de vier jaar, net als onze parlementsperiodes, zij het niet noodzakelijk met hun onvoorspelbare wisselingen samenvallend. Trouwens, waarom ‘eens in de vier jaar’? Waarom dat volksfeest niet elk jaar gevierd? Laten we het ondemocratische koningsdag toch vallen? Aan het einde van het schooljaar  en nog net voor het uitvliegen van veel gezinnen naar verre oorden.

Ieder met een Burgerservicenummer kan zich in principe als KIEZER aanmelden.
Maar nu niet meer om haar/zijn stem uit te brengen op een partij (door kleuren van een rondje bij één partij en met als enig facultatief een bepaalde PERSOON van die partij. In Verkiezingen 2.0 wordt niet langer op PERSONEN gestemd maar op PARTIJ-STEUN inzake de belangrijkste beleids-items van de regering [aan het partijenstelsel blijf ik vooralsnog trouw].

Elke KIEZER (vrouw, man, jongere) die zich tot deelname daarvoor heeft aangemeld (je kunt niemand dwingen om zich te laten horen) krijgt een stemformulier voor zich neergelegd met daarop de dertien (ik gok maar een getal) belangrijkste beleidsterreinen die in het parlement gespeeld hebben. Met daaronder de keuzes die de verschillende partijen inzake elk item gemaakt hebben.
Echter zonder vermelding van de betreffende partij: vooral populistische partijen willen in het parlement nog al eens afwijken van hun gepropageerde standpunten. Maar hou me ten goede: geen enkele partij krijgt volledig zijn zin. Er moet altijd geschipperd worden. Geven en nemen.  Punten uitruilen. Moeizaam gedoe, vaak tot diep in de nacht en soms komen de politici er een jaar lang niet uit. Alleen in een dictatuur (China) hoeven knopen niet te worden te worden ontknoopt. Onze westerse beschaving die de vrije markt economie heeft opgeleverd, schrijdt maar moeizaam voort, vooral met die kwaaie hond aan haar been.

Dertien keuzes moet de KIEZER maken. De enige hulp die zij/hij daarvoor krijgt is een korte inleiding van elk item, van feiten en getallen, aangereikt door de WRR.
Dat kost denktijd. In elk geval meer dan voor het rood kleuren van één rondje. Verkiezingen 2.0 moeten derhalve op een andere manier worden georganiseerd.
Wel gewoon plaatselijk en door dezelfde lui als bij onze normale parlementsverkiezingen, ik heb me nog niet verdiept in hoe die precies qua bemensing plaatsvinden.
Vanwege de denktijd moeten de KIEZERS in drie ploegen opkomen, en dus moeten bij hun aanmelding aangeven of ze in de ochtendploeg, dan wel in de middag- of de avondploeg willen verschijnen. Ook gebeurt het invullen van hun stemwijzer niet meer in een stemhokje, maar in schoollokalen, dezelfde die nu na de schoolexamens zijn vrijgekomen.
De stemformulieren krijgen de KIEZERS ook pas in het lokaal aangereikt. De formulieren moeten tot de laatste KIEZER geheim blijven, zodat populisten de strikt individuele keuzes niet tevoren kunnen vóórzeggen. Het gaat immers om wat elke KIEZER ten diepste wil: ‘hart en nieren’. Net als de staatsexamens wordt de envelop met de formulieren pas in het stemlokaal geopend. Elke binnenkomende KIEZER moet zich identificeren en zet zich met haar/zijn formulier aan een der in nette rijen opgestelde tafeltjes. Er wordt ook gesurveilleerd want de formulieren mogen niet gefotografeerd worden. Meegebrachte kleuters worden in een speellokaal door vrijwilligers zoet gehouden, kwestie van organisatie..
Pas aan het einde van de Verkiezingen 2.0 worden de formulieren gepubliceerd en kan ieder die dat wil, achteraf zien op welke partij hij/zij blijkt gestemd te hebben.

Ai! Verkiezingen die denkwerk vereisen! Laten die dan wél de ‘stem des volks’ klinken? Leveren die dan wél een evenredige volksvertegenwoordiging op? Vergeleken bij het systeem van loting zoals DvR dat bepleit? Ja, wacht eens. Ook DvR sluit al bepaalde lui van loting uit, en laat de lotelingen zich eerst in de materie verdiepen (denkwerk).
En de Franse ‘bewegers’ hebben nog geen verkiezingen ingericht.
Onze referendums tot nu toe zijn met hun ‘ja’ dan wel ‘nee’-keuzes alleen ideaal voor populisten gebleken en nemen nu bovendien dramatisch in belangstelling af bij de kiezers. Zodanig dat ons nieuwe kabinet het referendum gewoon kan afschaffen zonder er massale protesten voor te hoeven vrezen.

Zoals ik in mijn post van 3 dec.’16 schetste worden scholieren er al met oude stemwijzers in geoefend en getraind in het uiten van hun politieke standpunten: ze hebben een langere levenstijd vóór zich om hun belang te behartigen. Deze leerplichtigen nemen Verkiezingen 2.0  mee naar de keukentafels en geen enkele burger blijft er mee onbekend. Ook mogen scholieren zich al aanmelden als KIEZER. Ik verwacht bepaald geen dramatisch lage opkomstpercentages voor Verkiezingen 2.0.  Wel zullen populisten en machtspartijen bezwaar aantekenen – waarmee zij dan niet langer als rechtgeaarde democraten te beschouwen zijn.

Voor verdere details verwijs ik naar mijn blogpost  ‘Democratie in last’ van 3 december 2016.

 

 

 

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*